Prosumententarief
Het prosumententarief. Voor velen een nobele onbekende, voor de eigenaars van zonnepanelen daarentegen een heikel onderwerp.
Prosument
De prosument is iemand die invloed heeft op de totstandkoming van het product dat hij consumeert en is dus als het ware producent en consument tegelijk. Onder prosumenten verstaan we dus iedereen die zelf elektriciteit aanmaakt en dit ook via een aansluiting op het net afgeeft. Of zoals de VREG het zelf stelt:
“Een elektriciteitsdistributienetgebruiker met toegangspunt voor afname op het laagspanningsnet, en met een decentrale productie-eenheid, met een AC-vermogen kleiner dan of gelijk aan 10 kVA, die hem in staat stelt elektriciteit te injecteren op het elektriciteitsdistributienet”
De term komt vooral voor bij eigenaars van zonnepanelen wiens elektriciteit deels of volledig wordt voorzien door zonne-energie. Iedereen die gebruik maakt van het elektrisch distributienet kan zijn overschotten van zelf geproduceerde elektriciteit laten terugvloeien naar dit net. Dit gebeurt wanneer je meer elektriciteit aanmaakt dan je verbruikt. Bijvoorbeeld op momenten dat je zelf niet thuis bent.
Prosumententarief
Het beruchte prosumententarief is een jaarlijkse forfaitaire bijdrage die de VREG in 2014 invoerde, specifiek voor eigenaars van zonnepanelen. Als prosument maken ze gebruik van het elektriciteitsdistributienet. Daarvoor betalen ze een vergoeding, het prosumententarief. Dit komt overeen met de gewone netkosten die je ook betaalt voor de afname van elektriciteit.

Het AC-vermogen
Bij iedere installatie is er sprake van een geïnstalleerd vermogen, het zogenaamde maximale AC-vermogen. Dit is het vermogen dat je omvormer maximaal van gelijkstroom naar wisselstroom kan omvormen en dus het maximale vermogen van je installatie. Je kan dit terugvinden in het AREI-keuringsverslag.
Dit AC-vermogen wordt gebruikt om je prosumententarief te berekenen. Hoe groter het vermogen, hoe meer je betaalt voor het gebruik van het distributienet.
Afschaffing prosumententarief
Stelselmatig zal het prosumententarief echter verdwijnen door de komst van de digitale meter. Die neemt de inkomende en de uitgaande energie van een huishouden namelijk op in twee verschillende tellers.
Wanneer de digitale meter bij jou wordt geïnstalleerd, vervalt jouw prosumententarief en wordt deze kost mee verrekend in je algemene netkosten.
Een voorbeeld: je verbruikt met je gezin elk jaar 4000 kWh. Je produceert dankzij je zonnepanelen in datzelfde jaar 2500 kWh.
Netkosten: je netkosten worden berekend op 4000 kWh – 2500 kWh = 1500 kWh.
Prosumententarief: je prosumententarief wordt berekend op 2500 kWh.
Van zodra de digitale meter bij jou wordt geplaatst, worden je netkosten berekend op de volledige 4000 kWh en vervalt het prosumententarief. Dit wordt dus heel wat eenvoudiger.
Op 1 juli 2019 gaat de installatie van de digitale meters van start, in een eerste fase bij eigenaars van zonnepanelen en bij nieuwbouwprojecten. De nieuwe bepalingen voorzien echter een overgangsregeling. Iedereen die vóór 2021 nog zonnepanelen installeert, kan ervoor kiezen om te blijven vallen onder het prosumententarief gedurende een periode van 15 jaar. Gelijkaardig kunnen alle huidige eigenaars van zonnepanelen ook kiezen de oude regeling te behouden, tot 15 jaar na de datum van de keuring of indiensttreding van hun eerste zonnepanelen. Na verloop van die periode zal men verplicht worden om het nieuwe systeem toe te passen. Wil men vroeger al overstappen, dan kan dat zonder problemen. De vlam van het prosumententarief zal op die manier pas in 2035 écht worden uitgeblazen.
